Zaadcelleninvoorvocht?

Een van de vaste onderwerpen van de gangbare seksuele voorlichting is het waarschuwen tegen ‘terugtrekken’ als methode om bevruchting te voorkomen. Het argument daarbij is dat zich in het voorvocht van de man levende zaadcellen bevinden. Als je echter op zoek gaat naar wetenschappelijk onderzoek waaruit dat zou blijken, vind je weinig tot niets.

 

Het enige onderzoek dat er wel naar bestaat wijst juist vooral op het tegenovergestelde. Er zijn in voorvocht in ieder geval niet voldoende zaadcellen aanwezig om tot bevruchting te leiden.
We hebben voor de zekerheid nog even rondgevraagd.
Prof. dr. Eric Meuleman, uroloog/seksuoloog aan de VU in Amsterdam en dr. John Heesakkers, uroloog aan het St Raboud ziekenhuis in Nijmegen, geven allebei te kennen dat het verhaal over de zaadcellen in voorvocht als bangmakerij kan worden bijgezet.

 

Kliertjes van Cowper

Er is ook geen reden om te veronderstellen dat er levende zaadcellen in voorvocht zitten.
Vóór het orgasme blijft de prostaat hermetisch afgesloten. Het voorvocht komt voorbij de prostaat vanuit de kliertjes van Cowper in de pisbuis. Het kan dus ook niets vanuit de prostaat meenemen.
Zaadcellen (die in de bijballen klaar liggen) komen pas bij het ejaculeren, direct na het orgasme van de jongen, met het door de prostaat en de zaadblaasjes geproduceerde zaadvocht in de pisbuis en komt het vervolgens in schokjes naar buiten.
Als iemand binnen korte tijd tweemaal klaarkomt is het wel mogelijk om in voorvocht zaadcellen te vinden. Er blijven na de eerste ejaculatie wel levende zaadcellen achter in de pisbuis. Dus als er kort na een zaadlozing opnieuw voorvocht wordt geproduceerd, vermengt zich dat in de pisbuis met nog aanwezige zaadcellen. De vraag is of deze voldoende in aantal zijn om bevruchting te veroorzaken, maar uit voorzorg wordt men geadviseerd om tussen twee zaadlozingen te plassen, waardoor aanwezige zaadcellen uit de pisbuis geloosd worden.

 

Terugtrekken is een veel gebruikte methode

Uit de praktijk is de conclusie te trekken dat terugtrekken behoorlijk betrouwbaar is, en dat de betrouwbaarheid die van de pil evenaart als hij gecombineerd wordt met het letten op de vijf of zes ‘onveilige dagen’ van de maand.
Uit Amerikaans onderzoek uit 1991 kwam naar voren en dat er ongeveer 40 miljoen echtparen gebruikmaakten van terugtrekken als anticonceptiemethode. Ter vergelijking: er waren 65 miljoen pilgebruikers, 30 miljoen pasten periodieke onthouding toe, 8 miljoen kregen een injectie (depot). Ook in Europa was het aantal echtparen dat alleen terugtrekken toepaste relatieve hoog: 22% in Spanje, 36% in Italië, 60% in Bulgarije.

 

Bezwaren tegen terugtrekken

Bezwaren die tegen terugtrekken worden gemaakt zijn:

  • het biedt geen bescherming tegen soa
  • het is een ouderwetse methode
  • het meisje is erbij in een afhankelijke positie
  • het gaat vaak mis

Deze bezwaren zijn deels terecht.

  • Terugtrekken biedt inderdaad geen bescherming tegen soa, maar dat doet de pil ook niet.
  • Vergeleken bij de pil is terugtrekken inderdaad een ouderwetse methode. Op zich hoeft dat geen tekortkoming te zijn. Terugtrekken is de oudste manier om zwangerschap te voorkomen en wordt al heel lang door miljoenen mensen met succes toegepast.
  • Het meisje moet erop kunnen vertrouwen dat de jongen zich op tijd terugtrekt, anders is zij inderdaad te afhankelijk.
  • Terugtrekken kan in de praktijk inderdaad misgaan. Als hij erg opgewonden is kan hij klaarkomen voordat hij er erg in heeft. Of zij houdt hem zo omklemd dat hij niet in staat is om zich terug te trekken. Er zijn ook jongens die er gewoon geen zin in hebben of meisjes die het niet ‘romantisch’ vinden.

Voordat men tot geslachtsgemeenschap overgaat, moet er over deze zaken duidelijkheid bestaan. Terugtrekken vereist enige ervaring met het timen van het orgasme, ook dat van haar.
Terugtrekken is dus niet voor iedereen en voor elke situatie geschikt en het is goed dat er andere manieren zijn om bevruchting te voorkomen.

 

Betrouwbaarheid van terugtrekken

Zoals bij alle anticonceptiemethoden moeten we onderscheid maken tussen de inherente betrouwbaarheid en de gebruikersbetrouwbaarheid. Een condoom kan op zich betrouwbaar zijn, maar als men het niet goed plaatst, door ruw vrijen verliest of kapotmaakt, dan wordt het middel minder betrouwbaar. Een middel dat in het gebruik niet acceptabel is zal in het algemeen ook minder veilig genoemd worden. Voor verstrooide vrouwelijke professoren is de pil erg onbetrouwbaar, omdat ze hem steeds vergeten. Zo is de onbetrouwbaarheid van het terugtrekken vooral toe te schrijven aan het niet of niet goed of niet op tijd terugtrekken.

 

Literatuur

Andere voorlichting over de liefde

Rogow D, Horowitz S. Withdrawal: a review of the literature and an agenda for
research. Studies in Family Planning, 1995;26 (3):140-53.
Dit is nog steeds de bron voor informatie over terugtrekken. Het is een overzicht van de literatuur en een voorstel voor onderzoek.
Pudney J, Oneta M, Maer K, et al. Pre-ejaculatory fluid as potential vector for sexual transmission of HIV-1. Lancet, 1992.
Dit onderzoek vond wel kleine klontjes spermacellen bij 5 van de 15 onderzochte mannen, maar die cellen waren niet actief.
Ilaria G, Jacobs JL, Polsky B, et al. Detection of HIV-1 DNA sequences in pre-ejaculatory fluid, Lancet,1992.
Dit is een onderzoek uit 1992, waarbij geen zaadcellen werden aangetroffen in voorvocht.

 

meer weten?

Lees het boek De kunst van het vrije(n) en er gaat een wereld voor je open!
Uitgegeven door de NVSH 2007, isbn 978-90-6050-094-1. Te bestellen bij de boekhandel of bij bol.com

 

Zie ook:

terugtrekken

 

Deel dit artikel