deseksuelemaatschappij

De grondslag van de seksuele maatschappij wordt gevormd door het seksuele systeem.

 

Op school leren we dat de wereld bestaat uit landen en continenten, grote wereldrijken en kleine achterafstaatjes. We leren over verschillende culturen, huidskleuren, volkeren met hun geschiedenis. Geschiedenis heeft weer met aardrijkskunde te maken: waar woont een volk, hoe is de bodemgesteldheid, kan men vissen of vee houden of landbouw bedrijven? Is het gebied veilig voor overstromingen, landverschuivingen, aardbevingen en stormen? Kan men handel drijven over land of water? Hoe zit het met de rijkdom per hoofd? Hoe hoog is de technische ontwikkeling, de samenstelling van de bevolking, het politieke systeem? Is er algemeen kiesrecht? Zijn er interne conflicten, zoals burgeroorlog of spanningen door grote verschillen tussen arm en rijk? Wat is de invloed van religie op de staat en het dagelijkse leven? Is er sprake van mensenrechten, streven naar gelijkwaardigheid en emancipatie. Is er goed onderwijs voor iedereen? Is er een goede gezondheidszorg met veel aandacht voor preventie? Is iedereen gelukkig?
Er is geen land ter wereld waar iedereen gelukkig is, maar daarom is de vraag nog niet zo gek. Het geluk van mensen is relatief heel goed te beschrijven, en zo kan bij benadering een rangorde van geluk over verschillende landen in de wereld worden bepaald.

 

Maatschappij is een verzameling van gezinnen

Bij deze hele beschrijving van de wereld waarin wij leven wordt er eigenlijk van uitgegaan dat de maatschappij en de levensomstandigheden bepalen hoe de individuen er aan toe zijn. Het is dus een verklaring van boven naar beneden.
Er is alles voor te zeggen om deze benadering eens om te draaien en dus van beneden naar boven te redeneren.
We spreken dan van een seksuele maatschappij omdat de grondslag van de maatschappij gevormd wordt door het seksuele systeem. De maatschappij is in de eerste plaats een verzameling gezinnen. Daar speelt zich het dagelijkse leven af van opgroeiende kinderen, die een seksuele partner zoeken om daarmee kinderen te maken en in gezinsverband te leven. De kern van het gezin is moeder en kind. Daaromheen bewegen zich de vader en andere gezinsleden, vervolgens een aantal vrienden en bekenden. Maar het gezin is de centrale leefwereld voor individuen. Wat zich daarbuiten bevindt wordt ervaren als leefomgeving, bron van voedsel en alle andere producten die nodig zijn voor het dagelijkse leven. De mensen in de directe leefomgeving worden ervaren als medewerkers aan hetzelfde doel, concurrenten of mogelijke seksuele partners. Op grotere afstand bevinden zich dan de vreemden, die als roofdieren of seksuele fantasiefiguren ervaren worden.
Alles wat op grotere schaal gebeurt – economie, industrie, handel en verkeer, onderwijs, zorg, politiek, en ook condities zoals ongelijkheid, onvrijheid, onrecht, vervuiling, ziekte en armoede, oorlog en vernietiging – kan gezien worden als een uitvloeisel van het seksuele systeem.

Deel dit artikel