pedofilie 

Pedofilie betekent letterlijk ‘liefde’ (Grieks ‘filo’) voor een ‘kind’ (Grieks ‘paid’) Bij ‘liefde’ moet men dan wel denken aan seksueel gekleurde liefde, dus ‘verliefdheid‘. Verder gaat het om de gevoelens van een ‘volwassene’. Een leeftijdgenoot die verliefd is wordt niet ‘pedofiel’ genoemd, hoewel hij of zij dat strikt genomen wel is.

 

Heersende mening

Pedofilie wordt door de heersende mening als een uiterst gevaarlijke seksuele afwijking beschouwd. In medische en aanverwante kringen sprak men vroeger van ‘perversie’, tegenwoordig spreekt men van ‘parafilie’. Deze begrippen komen op hetzelfde neer. Pedofilie zou een ziekelijke en gevaarlijke ‘neiging’ zijn, een verslaafdheid, een aangeboren abnormaliteit, of een gedrag dat door ervaringen in de jeugd (bijvoorbeeld seksueel misbruik) is ontstaan. In ieder geval schaart de ‘wetenschap’ zich aan de kant van de wet, die niet spreekt van ‘pedofilie’, maar van ‘ontucht met minderjarigen’. Pedofilie als verlangen of persoonskenmerk is dus niet strafbaar. Seksuele handelingen met ‘kinderen’ wel. Door de heersende mening wordt pedofilie echter gelijkgesteld met een hele reeks van gebeurtenissen, van het bezit van ‘kinderporno’ tot het plegen van ‘ontucht’ met minderjarigen en het begaan van lustmoorden op kinderen.
Aan de heersende mening over ‘pedofilie’ valt goed af te lezen hoe slecht het gesteld is met de kennis van het seksuele. Uitgerekend bij ‘deskundigen’ is dit gebrek aan kennis opvallend. Het is een soort onwetendheid die met emoties te maken heeft, die op haar beurt weer als vast onderdeel van de seksuele opvoeding beschouwd kunnen worden.

 

Onderscheid tussen kind en volwassene

Wat ‘kind’ hier betekent, is helaas niet altijd even duidelijk. De meeste mensen denken bij ‘kind’ automatisch aan iemand jonger dan 9 of 10 jaar. Maar de wet legt bijvoorbeeld een ondergrens voor seks met iemand van 16 jaar. Dan is dus iedereen onder de 16 een ‘kind’. Men spreekt ook van ‘kinder’pornografie en ‘kinder’prostitutie als er iemand bij betrokken is die jonger is dan 18. Dus dan wordt iedereen die jonger is dan 18 als een ‘kind’ beschouwd. Van deze onduidelijkheid wordt in discussies onbewust veel misbruik gemaakt.
Tegenover het woord ‘kind’ staat het woord ‘volwassene’. Ook dat is een onduidelijk begrip.

 

Voortplanting is de oorsprong van dat onderscheid

De oorsprong van het onderscheid tussen kind en volwassene heeft te maken met de voortplanting, dat wil zeggen met de geslachtsgemeenschap (coïtus), waarbij de penis in de vagina gaat en daarin zaad uitstort, met als resultaat zwangerschap en bevalling. Dit is wat onder ‘grote mensen’ gebeurt. Een ‘kind’ is dan iemand die daar nog niet toe in staat is, net als een ‘oudere’ iemand is die daar niet meer toe in staat is. Op grond van deze criteria is de mensenwereld in ons hoofd, en veelal onbewust, verdeeld in’volwassenen’, ‘kinderen’ en ‘ouderen’. We weten wel dat deze verdeling niet helemaal klopt, maar aan de andere kant wordt hij wel dagelijks bevestigd. Heel kleine kinderen en heel oude mensen doen ook niet aan seks, zoals de middengroep tussen 25 en 40 dat wel met enige regelmaat doet.
Als de wet de leeftijd van ‘kind’ verhoogt tot 18 jaar, en er is voldoende propaganda voor dat idee via de publieke media en in het dagelijkse gesprek, dan gaan we ook naar mensen onder de 18 kijken alsof ze nog ‘kind’ zijn. In veel landen in de wereld, ook in de ontwikkelde westerse wereld, is dit op het ogenblik de situatie. Aan de andere kant worden mensen op steeds jongere leeftijd met seks geconfronteerd, zij het veelal in een setting van ondeugd, gevaar, geweld, jaloezie en bedrog.

 

Beschermingsinstinct

Het woord ‘kind’ heeft ook een sterk emotionele betekenis. ‘Kom niet aan mijn kind!’ roept de ouder agressief vanuit een diepgeworteld beschermingsinstinct. Een kind wordt automatisch als ‘onschuldig’ beschouwd, het zou geen weet hebben van seksuele gevoelens en verlangens. Hoewel iedereen (uit eigen ervaring) weet dat dit niet waar is, blijft het een emotioneel uitgangspunt. Zo zeggen bijvoorbeeld deskundigen dat de eventuele seksuele gevoelens van ‘kinderen’ heel anders zijn dan die van ‘volwassenen’. Toen Sigmund Freud in 1905 het bestaan van seksuele gedragingen van heel kleine kinderen in een wetenschappelijk raamwerk plaatste, riep dat grote weerstand op, een weerstand die tot de dag van vandaag is blijven bestaan.

 

Seksuele aantrekkelijkheid

Ongetwijfeld is de neiging om de jeugd mooi en dus ook seksueel aantrekkelijk te vinden bij iedereen aanwezig. De meeste mensen worden voor hun 12e verliefd (wat hetzelfde is als seksueel aantrekkelijk vinden). Het is een van onze eerste esthetische ervaringen. Meestal onbewust blijven we dat beeld van schoonheid en verlangen met ons meedragen. Later in de jeugd, als de voortplanting onze aandacht opeist, komt daar een andere laag van gedrag overheen. We worden dan meer aangetrokken door de kenmerken van geslachtsrijpheid bij mogelijke seksuele partners: denk aan borsten, heupen, billen, lager stemgeluid, brede schouders, regelmatige gelaatstrekken, gezonde uitstraling en dergelijke. Deze jeugdige schoonheid is overal in de wereld een ideaal. We noemen dat ‘cultuur’, maar die cultuur vindt zijn oorsprong in onze ‘natuur’. Jong en goedgevormd betekent namelijk dat de nakomelingen ook meer kans maken gezond te zijn. In de evolutie van mens endier speelt de partnerkeuze een belangrijke rol. Bewust of onbewust probeert iedereen een zo gezond mogelijke, dus aantrekkelijke, partner te kiezen.

 

Seksueel en antiseksueel gedrag

Onze seksuele verlangens zijn echter niet beperkt tot voortplantingsgedrag. We kunnen vrijen met iemand zonder dat het tot zwangerschap leidt. We masturberen, en maken daarbij gebruik van onze eigen fantasie, beelden, teksten, voorwerpen, spannende situaties. We kunnen ons aangetrokken voelen tot iemand van hetzelfde geslacht, tot iemand die ouder is of juist jonger, lelijk, gehandicapt, dom, enzovoort. De menselijke mogelijkheden zijn van nature al ruimer dan van de meeste andere dieren. We moeten als het ware over een sterk seksueel verlangen beschikken om de weerstanden te overwinnen op onze weg naar bevruchting en zwangerschap.
Daartegenover staat dat we van nature ook over antiseksueel gedrag beschikken. Dat zorgt ervoor dat de lust in de opvoeding zodanig gekanaliseerd wordt dat ze zo veel mogelijk in dienst staat van de voortplanting. Angst en schuldgevoelens over niet op de voortplanting gericht gedrag, zoals masturbatie, treden dan ook op als een soort feedback mechanisme om ons ‘in het gareel’ te houden. Op sociaal niveau neemt het antiseksuele de vorm aan van afkeuring en bestraffing.

 

Pedofiel

Er zijn mensen die zichzelf ‘pedofiel’ noemen. Ze doen dit vooral ook omdat de samenleving hen daartoe dwingt. Het gaat eigenlijk maar om een klein deel van de persoonlijkheid, waarvoor waarschijnlijk naast ervaringen ook wel een genetische component te vinden zal zijn. Het is ook een verlangen waarvan men zich soms al in de jeugd, maar meestal pas later, bewust is geworden. Omdat de druk vanuit de samenleving om ‘normaal’ te zijn heel sterk is en een ‘pedofiel’ gelijkgesteld wordt met ‘kinderverkrachter’, zien de meeste mensen van hun pedofiele verlangens af, of in ieder geval van het in de praktijk brengen daarvan.
Sommige mensen lijden erg onder de negatieve boodschappen die ze dagelijks over zichzelf denken te horen. Wat voor die pedofielen nu geldt, gold in het (recente) verleden voor homoseksuelen. Hun verlangen naar liefde werd als weerzinwekkende misdaad afgeschilderd. Het leidde tot veel stil gedragen leed, eenzaamheid, vluchtige en schuldbewuste contacten, depressie, zelfmoord, soms ook geweld. Nu homo’s (mogen) trouwen, blijken ze vreselijk normaal te zijn. In ieder geval worden ze bij ons door de meerderheid niet meer als een maatschappelijke bedreiging gezien.
De vraag of dit ooit voor pedofielen zal gelden, is moeilijk te beantwoorden.

 

Literatuur: Dr. F. van Ree, Pedofilie; een controversiële kwestie, is een uitgave van Swets & Zieliger. Het is verkrijgbaar in de boekhandel, ISBN 90 265 1688 6. Zie ook de boekbespreking van dit boek.

 

Zie ook:
Pedofilie.nl
NVSH werkgroep JON

 

 

Deel dit artikel