seksuologie 

Bij ‘seksuoloog’ denken we in de eerste plaats aan een professionele hulpverlener, meestal een arts of psycholoog, bij wie men terecht kan met een seksueel probleem. Er is in Nederland sinds 1976 een Vereniging voor Seksuologie, die de belangen van seksuologen behartigt, over de kwaliteit van de opleiding en hulpverlening waakt, en wetenschappelijk prestige nastreeft. Er is een Leerboek Seksuologie, er zijn handleidingen voor hulpverleners, diverse publicaties op deelgebieden, congressen, en er zijn allerlei soorten onderzoek. Van tijd tot tijd komt iemand in het nieuws die ‘seksuoloog’ wordt genoemd en die commentaar geeft op een of ander seksueel maatschappelijk verschijnsel.

 

Geen echte studie seksuologie

De erkende beoefenaren van de seksuologie zijn in de eerste plaats psycholoog, maatschappelijk werker of arts. Hun seksuologische kennis is een toegevoegde waarde. Ze hebben een postdoctorale cursus gevolgd waardoor ze in staat zijn als hulpverlener en voorlichter te fuctioneren. Seksuologie is dus geen vak met een eigen opleiding aan de universiteit, er zijn geen (gewone) hoogleraren seksuologie.
De beperkte betekenis van de seksuologie heeft een maatschappelijke oorzaak. Er bestaan in het algemeen sterke emoties rond kennis over seksualiteit, en de universitaire gemeenschap is daarop geen uitzondering. De seksuologie heeft zich alleen een bescheiden plaatsje onder het gezag van de gynaecologie kunnen verwerven door zich te beperken tot seksuele disfuncties binnen vaste relaties. Het positieve gevolg hiervan is geweest dat in de opleiding van artsen, psychologen, en zorgverleners in het algemeen, meer aandacht voor en kennis van seksuele problemen is ontstaan. Ook andere organisaties dan de Vereniging voor Seksuologie zijn speciaal hiervoor opgericht, zoals de Vlaamse Vereniging voor Seksuologie en de Wetenschappelijke Vereniging voor Seksuele Disfuncties.
Vergeleken bij vroeger en elders is de seksuologie in Nederland en een aantal andere landen in ieder geval een interessegebied dat vanuit het principe van wetenschappelijke belangstelling wordt beoefend.

 

Seksuele afwijkingen

Het is een typisch medische en psychologische activiteit om zich bezig te houden met ’afwijkingen’. Men krijgt deze als het ware toegeschoven vanuit het maatschappelijk krachtenveld. Een huisarts weet geen oplossing voor een patiënt met vaginisme, een maatschappelijk werkende heeft een cliënt die zegt aan seks verslaafd te zijn. Justitie wil jeugdige zedendelinquenten als onderdeel van straf laten behandelen. In het verleden – zo luidt het – was er nauwelijks kennis en bekwaamheid in de gezondheidszorg om met dit soort problemen om te gaan. De seksuologie heeft zich dus als een subspecialisme een plaatsje veroverd in de wereld van professionele hulpverlening.
Er blijven een aantal problemen die typisch zijn voor de seksuologie:

 

• Op het gebied van de seksualiteit heeft het begrip ’afwijkingen’ een andere klank dan op andere gebieden van de medische zorg. Het is veel acceptabeler om een afwijking aan de voet te hebben dan een seksuele afwijking. Dit geldt voor mensen in het algemeen, maar helaas ook vaak onbewust voor de hulpverlener. Deze problematiek hangt ook samen met het gebruik van de term seksuele gezondheid.

 

• In de tweede plaats is het veel minder duidelijk wat er eigenlijk ’afwijkingen’ is. Is een gehuwde vrouw die aan zelfbevrediging doet helemaal normaal? Heeft een man die bij zijn echtgenote geen erectie kan krijgen een erectiele disfunctie? Is seks tussen een man van 30 en een meisje van 11 iets wat als ’afwijkingen’ behandeld moet worden? Het gangbare antwoord vanuit de wereld van de seksuologische hulpverlening is dat iemand om hulp vraagt omdat hij of zij in de problemen is geraakt door zijn of haar gedrag, en dat men juist zo weinig mogelijk ’oordelend’ wil zijn. De seksuologie zou hier dus ook door zijn grotere kennis een verbetering betekenen in vergelijking met de gewone specialisten zoals gynaecologen, urologen en psychologen. Dit geldt natuurlijk steeds minder naarmate de ’afwijkingen’ algemener en sterker veroordeeld wordt, zoals in het laatste voorbeeld. Dan blijkt ook de seksuologie geen ruimte voor een andere benadering te hebben. De vergelijking met de tijd van de anti-masturbatie beweging uit het verleden dringt zich dan op.

 

• In de derde plaats heeft de hulpverlener, arts of psycholoog, de neiging om de patiënt te zien als het individu met een bepaald probleem. Dit is in het geval van een gebroken voet veel simpeler dan in het geval van een seksueel probleem, dat in werkelijkheid een probleem van de partner, de omgeving of de hele samenleving kan zijn. Door de individualisering van het seksuele probleem bestaat de neiging om bij het seksuele te gaan ’psychologiseren’. Uitgaande van het heersende model waarbij de mens wordt verdeeld in ’lichaam’ en ’geest’, doet men eerst ’lichamelijk’ onderzoek. Als de dokter dan niets kan vinden, concludeert men dat het probleem van ‘psychische’ aard moet zijn, en gaat dan zoeken naar opvoeding, remmingen, misbruikervaringen als kind, en vindt die dan meestal ook wel. Met name het laatstgenoemde is zo in de publiciteit geweest dat de patiënt zelf die oorzaak al vermoedt. Zo wordt in plaats van een echte therapie een soort sociaal ritueel opgevoerd, dat als enige functie heeft om de seksuele orde te bevestigen.

 

• De wetenschappelijkheid van de seksuologie is toegenomen door onderzoek van seksgedrag en -gevoel in een laboratoriumsituatie, maar omdat er strenge condities worden verbonden aan wat, wie en hoe men onderzoekt, komt men ook in de onderzoekspopulatie als vanzelf bij (gehuwde) volwassenen terecht. Dit beperkt de reikwijdte van de resultaten en bevestigt seks als iets wat als vanzelf ondergebracht wordt bij het huwelijk.

 

• Alleen de arts heeft toegang tot de pillen die op de markt komen om soelaas te bieden bij impotentie van de man of het geen zin hebben van de vrouw. De seksuoloog-arts is dus onderdeel van een wereldwijde markt van huwelijksgelukbevorderaars. Dan blijft er vanzelf minder ruimte over voor het anders kijken naar seksualiteit.

 

Al met al is de seksuologie zelf dus niet alleen een wetenschappelijke benadering van de seks, maar ook een functie van het seksuele systeem.

Deel dit artikel